Zoekresultaten voor ''

Categorieën

    Zoekresultaten voor ''

    Categorieën

      Gevoerde werklaarzen: welke voering past bij jouw werkdag

      Gevoerde werklaarzen: welke voering past bij jouw werkdag

      Gevoerde werklaarzen kies je op het soort voering en op hoeveel je beweegt. Sta je stil, dan heb je een dikke thermovoering nodig die warmte vasthoudt. Loop je de hele dag, dan is een dunnere wollen of vachtvoering beter, omdat je anders gaat zweten en dat vocht je juist afkoelt. De ruimte in de laars telt daarbij zwaarder dan de dikte van de voering.

      Waarom voeten kouder worden dan de rest

      Je voeten liggen het verst van je hart en ze staan de hele dag op een koude ondergrond. Beton, staal en natte grond trekken warmte weg via contact, en dat gaat veel sneller dan warmteverlies aan de lucht. Daarom is de zool minstens zo belangrijk als de voering.

      Een laars met een dikke, geïsoleerde zool en een luchtlaag onder je voet werkt daardoor beter dan een laars met een dunne zool en een dikke binnenvoering. Zie het aanbod bij de gevoerde werklaarzen.

      Wol: de allrounder

      Wollen en vachtvoeringen isoleren goed en blijven werken als ze vochtig worden. Dat maakt ze geschikt voor mensen die afwisselend binnen en buiten zijn, of die de hele dag in beweging blijven. Wol regelt zichzelf: bij inspanning voert het vocht af, bij stilstand houdt het warmte vast.

      Nadeel is dat wol traag droogt. Word je nat tot op de voering, reken dan op een nacht drogen. Wie dat risico loopt, wisselt beter tussen twee paar.

      Thermovoering van schuim

      Laarzen van polyurethaan of geëxpandeerd materiaal hebben vaak geen losse voering maar een geïsoleerd schuim in de wand zelf. Dat isoleert uitstekend bij stilstaand werk en in koelcellen, en het neemt geen vocht op. Je ziet dit type vooral bij modellen die volledig waterdicht zijn.

      Het nadeel zit in de ademende werking: die is er nauwelijks. Loop je veel, dan wordt het binnenin klam. Dan zijn wisselzolen en een goede sok geen bijzaak maar noodzaak.

      Gevoerd leer

      Een leren laars met een gevoerde binnenkant is het meest comfortabel bij matige kou en droog tot vochtig weer. Het leer ademt, vormt zich naar je voet en gaat bij goed onderhoud jaren mee. Voor werk in het groen of op de bouw in het najaar is dit vaak de prettigste keuze.

      Bij aanhoudende natte omstandigheden loopt leer wel vol, ook als het geïmpregneerd is. Dan is een model uit de waterdichte werklaarzen verstandiger.

      Ruimte is belangrijker dan dikte

      Dit is de fout die het vaakst wordt gemaakt: een dikke sok in een laars die al op maat zit. Je perst dan de lucht uit de voering en knijpt de doorbloeding af. Beide zorgen ervoor dat je voeten kouder worden, niet warmer.

      Koop een gevoerde laars daarom een halve maat groter dan je zomerschoen, of kies een model dat de fabrikant al ruimer heeft gemaakt. Pas altijd met de werksokken die je in de winter draagt.

      Bescherming blijft gelden

      Een gevoerde laars is niet automatisch een veiligheidslaars. Controleer de klasse op het etiket. Werk je op de bouw of in de metaal, dan heb je een beschermende neus en meestal ook bescherming tegen doorboring nodig. Die modellen staan bij de S3 werklaarzen.

      Voor werk waar geen vallende voorwerpen zijn, zoals bij dierverzorging of tuinonderhoud, mag een onbeveiligde laars. Dat scheelt gewicht en maakt de laars soepeler.

      Wanneer een winterschoen genoeg is

      Niet elke koude werkdag vraagt een laars. Werk je op verharde ondergrond en loop je veel, dan is een gevoerde hoge schoen vaak prettiger: lichter, beter afrollend en makkelijker te combineren met een lange broek. Kijk daarvoor bij de winter werkschoenen.

      Een laars wint zodra je met modder, plassen, mest of sneeuw te maken hebt. Dan gaat het niet meer om warmte alleen maar om de hoogte van de schacht.

      Het moment om over te stappen

      Veel mensen wachten met gevoerd schoeisel tot het echt vriest, maar de eerste klachten komen eerder. Zodra de ochtendtemperatuur onder de tien graden zakt en de grond nat blijft, koelen voeten al af tijdens het eerste uur. Vanaf half september is dat op de meeste buitenwerkplekken aan de orde.

      Wie op dat moment overstapt, heeft bovendien meer keuze in maten. Later in het seizoen zijn juist de gangbare maten in de populaire modellen het eerst weg, en dan wordt het schipperen tussen een halve maat te groot of te klein.

      Onderhoud in het seizoen

      Haal de zool er aan het eind van elke werkdag uit en zet de laars rechtop op een droge plek. Niet op de verwarming: hitte laat lijmverbindingen los en maakt polyurethaan bros. Een krant in de laars trekt vocht weg zonder schade.

      Spoel modder er af voordat hij opdroogt. Opgedroogde klei trekt vocht uit het materiaal en laat leer verharden. Het volledige overzicht staat bij de werklaarzen.

      Hoeveel maten groter moet ik een gevoerde laars kopen?

      Meestal een halve maat, soms een hele als je een dikke wintersok draagt. Je moet je tenen kunnen bewegen terwijl je hiel op zijn plaats blijft.

      Kan ik een losse thermozool gebruiken in gewone laarzen?

      Dat kan, mits je de bestaande zool eruit haalt. Twee zolen op elkaar maakt de laars te krap en werkt averechts.

      Waarom heb ik koude voeten terwijl mijn laarzen goed gevoerd zijn?

      Meestal doordat de laars te strak zit of doordat je voeten vochtig zijn geworden. Controleer eerst de ruimte en wissel halverwege de dag van sok.