Er zijn nog geen producten in uw winkelwagen.
Thermo werkhandschoenen kies je op de EN 511-code, de voering en de coating aan de handpalm. De drie cijfers achter het sneeuwvlokje staan voor bescherming tegen doordringende kou (0 tot 4), contactkou (0 tot 4) en waterdoorlating (0 of 1). Een hoge score op isolatie is weinig waard als de handschoen nat wordt, want vochtige isolatie koelt sneller af dan droge.
De EN 511-code lezen
Het eerste cijfer gaat over kou uit de lucht, de kou die je voelt als je buiten staat te wachten. Het tweede over contactkou: warmteverlies doordat je iets kouds vastpakt, zoals een stalen buis of een diepvriesproduct. Het derde cijfer is de eenvoudigste en misschien wel de belangrijkste: een 1 betekent dat er binnen dertig minuten geen water doorheen komt, een 0 dat dat wel gebeurt.
Werk je vooral buiten in droge kou, dan telt het eerste cijfer het zwaarst. Pak je koud metaal vast, dan is het tweede cijfer doorslaggevend. Zie het volledige aanbod bij de thermo werkhandschoenen.
Waarom de dikste handschoen zelden de beste is
Dikke handschoenen isoleren goed, maar kosten tastgevoel. Wie een schroef niet meer kan pakken, trekt de handschoen uit, en een uitgetrokken handschoen beschermt niets. Dat is in de praktijk de grootste oorzaak van koude handen op de werkvloer.
Zoek daarom de dunste handschoen die warm genoeg is voor jouw werk, niet de warmste die er is. Voor werk waarbij je afwisselend grof en fijn bezig bent, werkt een middeldik model met een dunne voering vaak beter dan een zwaar gevoerde want.
Vocht is de echte vijand
Isolatie werkt doordat er lucht vastzit in de vezels. Zodra water die lucht verdringt, gaat de warmte er vele malen sneller uit. Een doorweekte gevoerde handschoen is kouder dan een droge ongevoerde.
Daarom is een waterdichte membraanlaag of een dichte coating op de handpalm zo waardevol bij nat werk. Werk je in de sneeuw, met natte materialen of buiten in de regen, kijk dan bij de koudebestendige handschoenen naar modellen met waterdoorlating 1.
Voeringen en wat ze doen
- Acryl en polyester: goedkoop, droogt snel, matige isolatie. Prima voor korte buitenklussen.
- Thinsulate en vergelijkbare microvezels: veel isolatie bij weinig dikte, de beste balans voor montagewerk in de kou.
- Wol: isoleert ook als hij vochtig wordt, maar droogt traag.
- Bont of teddyvoering: heel warm en heel dik, alleen geschikt als tastgevoel niet telt.
Coating en grip bij lage temperaturen
Veel coatings worden stug in de kou. Een standaard nitrilcoating die bij twintig graden soepel aanvoelt, kan bij min vijf hard worden en grip verliezen. Fabrikanten brengen daarom speciale koudebestendige varianten uit, vaak herkenbaar aan de vermelding van een lage gebruikstemperatuur.
Voor werk met olie en vet in de kou blijft nitril de veiligste keuze. Voor ruw en nat materiaal zoals steen of hout geeft een gekrompen latexcoating meer grip. Leer blijft een eigen categorie: warm en slijtvast, maar traag drogend. Zie de leren werkhandschoenen.
Het laagjesprincipe voor handen
Net als bij kleding werkt een dunne binnenhandschoen onder een stevigere buitenhandschoen vaak beter dan één dik model. De binnenlaag houdt een luchtlaag vast en voert zweet af, de buitenlaag stopt wind en water. Het grote voordeel is dat je de buitenhandschoen even uit kunt trekken voor een precieze handeling zonder meteen met blote handen te staan.
Dit werkt alleen als de buitenhandschoen een maat groter is. Trek je twee lagen in dezelfde maat aan, dan pers je de lucht eruit en verlies je juist isolatie, terwijl je vingers ook nog eens klem komen te zitten.
Handen warm houden begint bij je voeten
Dit klinkt vreemd, maar het klopt. Zodra je romp en je voeten afkoelen, knijpt je lichaam de doorbloeding naar je handen af om je kern warm te houden. Je kunt de beste handschoen dragen en toch koude vingers hebben omdat je voeten koud zijn.
Wie in de winter buiten werkt, wint dus vaak meer met gevoerde werklaarzen of winter werkschoenen dan met een dikkere handschoen.
Werken met een touchscreen
Steeds meer werk loopt via een scanner, een tablet of een telefoon. Handschoenen uittrekken om een order af te melden is precies het moment waarop je handen afkoelen, en op een koude dag duurt het opwarmen daarna veel langer dan het uittrekken kostte.
Modellen met geleidend garen in duim en wijsvinger lossen dat op. Let er wel op dat die functie na verloop van tijd minder wordt naarmate het garen slijt. In de logistiek en bij bezorgwerk is het inmiddels een kenmerk dat net zo zwaar weegt als de isolatiewaarde zelf.
Wisselen en drogen
Twee paar afwisselen werkt beter dan één paar heel goed onderhouden. Handschoenen nemen op een werkdag veel zweet op, en dat vocht haalt de volgende ochtend meteen de isolatie onderuit als het er nog in zit.
Droog ze op kamertemperatuur en niet op de kachel of met een heteluchtblazer. Hoge hitte laat coatings verharden en membranen loslaten. Het bredere aanbod staat bij de werkhandschoenen.
Wat betekent het derde cijfer van EN 511?
Waterdoorlating. Een 1 betekent dat de handschoen binnen dertig minuten geen water doorlaat, een 0 dat hij dat wel doet. Bij nat werk is dat cijfer vaak belangrijker dan de isolatiewaarden.
Zijn wanten warmer dan handschoenen?
Ja, omdat je vingers elkaar verwarmen. Je levert er wel veel tastgevoel mee in, waardoor wanten alleen praktisch zijn bij grof werk of tijdens wachtmomenten.
Mag ik thermo werkhandschoenen wassen?
Meestal op dertig graden, maar controleer het label. Laat ze daarna aan de lucht drogen. Een droger of verwarming beschadigt de voering en de coating.